Vroegpensioen
Per 1 januari 2006 is de regeling voor vroegpensioen
beëindigd. Aanleiding hiervoor waren wijzigingen
in fiscale wetgeving. Deelname in de
vroegpensioenregeling moest het mogelijk te
maken om op 62-jarige leeftijd met vroegpensioen
te gaan. Deze beëindiging van de
vroegpensioenregeling leidt ertoe dat deelnemers vanaf
2006 geen aanspraken vroegpensioen meer opbouwen.
Omzetten vroegpensioen naar ouderdomspensioen
De aanspraken
vroegpensioen die deelnemers tot 1 januari 2006 hebben
opgebouwd, worden in principe omgezet naar ouderdomspensioen. Deze
omzetting leidt ertoe dat voor iedere € 1,-
vroegpensioen een (levenslange) aanspraak
ouderdomspensioen bestaat van € 0,2588.
Deelnemers konden
bezwaar maken tegen deze omzetting en/of de
aanspraken afkopen ten gunste van een
levensloopregeling. Deelnemers die gebruikmaken of
kunnen gaan maken van de SOHOR- of SUCON-regeling hebben geen keuze. Hun aanspraken
vroegpensioen blijven (op dit moment) staan.
Toch eerder met pensioen?
Bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd gaat
het ouderdomspensioen in. Op verzoek van de
deelnemer kan het
pensioen eerder ingaan. De dan geldende fiscale
regels moeten dat wel toelaten. Daarbij is
vervroegde pensionering alleen mogelijk als het
dienstverband gelijktijdig wordt beëindigd én
als het ouderdomspensioen niet onder het op dat
moment wettelijke vastgestelde bedrag van
€ 420,69 komt (afkoopgrens 2010).
|